Blog :

Een duivels dilemma: je zal maar moeten beslissen

Een duivels dilemma: je zal maar moeten beslissen

Jij kwam toch helpen met het daklozendiner? Appt de secretaris van de Rotary. Ik sta hier voor drie kratten bloemkool en twintig bakken champignons. Neem een snijplank mee, please.

Het zweet breekt je uit. Je bent het vergeten. En je zit in de auto, op weg naar je relatietherapeut. Je hebt drie maanden op die afspraak gewacht. Je vrouw belde al of je op tijd wou zijn.

Draai je om of rij je door? Het is een duivels dilemma.

 

Een duivels dilemma, wat is dat precies?

Dat is als je moet kiezen tussen twee kwaden. Wat je ook besluit, er komt narigheid van en je doet altijd iemand te kort. Bijvoorbeeld: je hebt één week vakantie, daar ben je heel erg aan toe. Je hoofd staat op knappen. Nóóit meer een burn-out, had je je voorgenomen.

Het liefst ga je zeilen met je beste vriend. Maar je hebt je oma in Australië lang niet gezien. Haar gezondheid gaat hard achteruit. En jij betekent de wereld voor haar. Die jetlag zie je helemaal niet zitten. En wéér een weekje vrij nemen zit er voorlopig niet in.  Ziedaar: een dilemma. Sterkte.

 

Dus er vallen altijd slachtoffers?

Sad but true, zo is het. Wat je ook besluit, er vallen slachtoffers.

Een ander voorbeeld: je bedrijf heeft het financieel moeilijk. Je krijgt een aantrekkelijk aanbod van een leverancier: zijn waar is van goede kwaliteit en super voordelig. Maar het is niet geproduceerd volgens de duurzaamheidsmaatstaf die jouw bedrijf garandeert. De deal zou je zaak net het duwtje geven dat je nodig hebt om gedwongen ontslagen te voorkomen. Bovendien belooft de leverancier duurzamer te produceren zodra hij de nodige investeringen kan doen. De deal zou hem daar ook weer bij helpen.

Je loopt wel het risico je keurmerk kwijt te raken. Bovendien maak je je duurzaamheidsbelofte niet waar.

 

Hoe pak ik dat een beetje fatsoenlijk aan? 

Bij integere besluitvorming gaat het erom dat je rekening houdt met de rechten, de belangen en de wensen van iedereen die door jouw besluit geraakt wordt.

Maar die rechten, belangen en wensen botsen met elkaar. Dat maakt het zo lastig.

 

Ik maak altijd een lijstje met voors en tegens, werkt prima

Stel, je komt tot deze lijst: oma zou weer even gelukkig zijn. Daartegenover staat dat een weekje zeilen veel beter is voor jouw gezondheid. Bovendien is zeilen in Nederland minder milieubelastend dan een vliegreis naar Australië. Zeilen wint het dus met twee argumenten tegen één.

Voelt raar. Of niet? Weegt het milieu argument op tegen het geluk van oma? Het is toch geen optelsom?

 

Hoe kan het dan wel?

Het is een kwestie van wegen. Hoe zwaar weegt het belang van de ene betrokkene ten opzichte van dat van de andere? Je hebt dus een maatstaf nodig om het soortelijk gewicht van je argumenten te bepalen. Wiens belang weegt zwaarder?

 

Wie ben ik nou om dat te bepalen?

Dat is ook lastig. Misschien zelfs wel onmogelijk. Maar je móét een besluit nemen. Dat hoort bij je positie. Het leven is geen suikerspin. 

Ethici denken sinds mensenheugenis na over hoe je dit soort afwegingen maakt. Ze nemen je de beslissing niet uit handen, maar ze kunnen wel helpen.

Hoe? Je pakt een vel papier en je schrijft op welke beslissing je intuïtief zou nemen. Dan maak je een lijst van iedereen die door je besluit geraakt wordt: de medewerkers van die ene afdeling, de manager van die andere afdeling, toeleveranciers x en y, het milieu, je klanten – Het zijn er meestal meer dan je denkt.

En dan schrijf je bij iedere partij de argumenten die jouw beslissing steunen of de argumenten waarom jouw besluit diegene schaadt. En die weeg je zorgvuldig af.

 

Dus, kort samengevat

Een duivels dilemma pak je aan door de wensen, belangen en rechten van alle betrokkenen zorgvuldig af te wegen. Je hebt een weegmethode nodig.

 

***

 

Wil je jezelf trainen en duivelse dilemma’s integer aanpakken?

Kom op 2 november naar de Duivelse Dilemmatraining bij Haagse Hoogvliegers. Je krijgt een stoomcursus in de belangrijkste ethische theorieën. Die theorieën zijn voor je vertaald in een 7-stappenplan, dat helpt je om tot een weloverwogen beslissing te komen.

Niet dat iedereen blij is met je besluit, want een duivels dilemma los je niet op. Maar je kunt het wel op een integere manier aanpakken. Wij laten je zien hoe.

 

Sprekend leiderschap – zwijgend leiderschap

Sprekend leiderschap – zwijgend leiderschap

Hoeveel PowerPointpresentaties heb je in je leven gehoord? En hoeveel kun je daarvan nog navertellen? Hoe vaak dacht je na een afdelingsbijeenkomst of een Nieuwjaars speech: dit gaan we doen! ? Het was waarschijnlijk best een aardig verhaal met leuke anekdotes. En daarna ging iedereen over tot de orde van de dag. Jammer.

 Dat kan anders!

Want niets is in potentie zo machtig en zo krachtig als taal. We bereiken onze doelen, door mensen te bereiken: met taal. Met een boodschap, een verhaal of een plan dat ráákt.

 

One voice can change a room,

and if one voice can change a room,

then it can change a city,

and if it can change a city, it can change a state,

and if it can change a state, it can change a nation,

and if it can change a nation, it can change the world.

Your voice can change the world.

Barack Obama

 

En taal bestaat niet alleen uit woorden. We communiceren met ons hele lijf. Met gebaren, onze gezichtsuitdrukking, met onze houding. Onze lichaamstaal bepaalt voor een groot deel of onze boodschap gehoord en omarmd wordt.

 

Leer spreken en zwijgen – oefen retorica en lichaamstaal

In deze training ‘sprekend leiderschap – zwijgend leiderschap’ oefenen je de kracht van storytelling en je fysieke ‘presence’ voor een groep. Je oefent in een veilige omgeving hoe je met jouw verhaal de hoofden én de harten van je publiek, medewerkers, teamgenoten, gezinsleden, etc. verovert.

Bijzondere trainingsmaten – paardenfluisteren

Naast een theoretisch deel oefen je je ‘zwijgend leiderschap’ ook met paarden. Zij zijn ultieme leermeesters voor effectieve non-verbale communicatie. Paarden zijn kwetsbare kuddedieren voor wie communicatie en duidelijk leiderschap van levensbelang zijn. Ze herkennen leiderschapswaarden zoals vertrouwen, respect en veiligheid instinctief. En ze reageren onmiddellijk op het gedrag van anderen.

Jij gaat de paarden leiden. Met hele eenvoudige oefeningen: hoe maak je contact met een paard? Waaraan merk je dat je contact hebt? Hoe win je vertrouwen? Hoe geef je richting? Begrijpt het paard wat je van hem wil? Wanneer raak je het contact kwijt?

Die ervaring neem je mee naar situaties waarin je medewerkers, kiezers of klanten voor jouw plannen wilt winnen.

Waarmee ga je naar huis?

Je hebt een dag beleefd in een heerlijke omgeving, weg van de dagelijkse hectiek.

Je hebt jouw persoonlijke stijl van ‘sprekend leiderschap’ en van ‘zwijgend leiderschap’ ontdekt en ontwikkeld.

Je kunt in korte tijd een Obama-waardige speech schrijven.

Je hebt ervaren hoe het is om in contact te staan met je publiek. Hoe je mensen raakt.

Je kunt dat zowel bij een klein team als voor een enorme zaal bewerkstelligen.

Op een manier die bij jou past. Waardoor het je geen moeite kost.

Waardoor jouw verhaal gehoord en omarmd wordt.

 

Wat één van de eerdere deelnemers over de workshop zei:

De workshop Sprekend & Zwijgend Leiderschap was voor mij een bom van wauws en… vraagtekens.
Wauws van de interactie met de prachtige paarden, bij de geweldige tekst- en spreektips van Patricia, bij de mooie verhalen van andere deelnemers.
Jan creëert vraagtekens. Hij zegt alleen wat hij ziet en voelt. Zonder tips, zonder uitleg, zonder oordeel. Op dat moment, kon ik niet zeggen wat het voor me betekende. Dat was best frustrerend bij thuiskomst.
Maar het is eigenlijk heel simpel: het resoneert door. Ik voel dat deze hele ervaring mij nog steeds ontwikkelt. Ik heb een heel vernieuwd bewustzijn als ik praat of spreek.
Jan en Patricia en de paarden zijn fantastisch en bieden een fantastische dag in een leuke omgeving. Maar waar je mee naar huis gaat spant pas echt de kroon. – Paul de Jong

 

Programma ‘Sprekend leiderschap – zwijgend leiderschap’

Leer spreken als een Obama, Churchill of M.L. King en maak verschil met jouw boodschap – en wat we van paarden kunnen leren als we ons publiek willen bereiken.

 

Locatie:           Stal de Vries – Den Ilp (Noord-Holland, gemeente Landsmeer)

Trainers:         Jan de Vries (Stijg Coaching) en Patricia Wouda

Datum:            Op aanvraag

Tijd:                    9:30 – 17:00 uur

Deelnemers:   6 – 10 personen

Kosten:

Vanuit de werkgever:                € 390,- p.p.*

Particulieren en Zzp’ers:          € 320,- p.p.*

(*inclusief btw, koffie/thee, lunch en trainingsmateriaal)

 

PROGRAMMA

 

Ochtend               SPREKEND LEIDERSCHAP               door Patricia Wouda

  • Inleiding in overtuigingskracht en storytelling
  • Oefenen: maak en vertel jouw verhaal voor de groep
  • Inleiding in het geheim van charisma

 

Lunch          Wie zin heeft gaat mee het land in om de paarden te halen.

 

Middag                ZWIJGEND LEIDERSCHAP               door Jan de Vries

 

  • Introductie: hoe leren we van paarden beter te communiceren?
  • Oefeningen: contact maken, vertrouwen winnen, richting geven.

 

Tot slot               SPREKEND EN ZWIJGEND LEIDERSCHAP

Alles komt bij elkaar: sta in contact met je publiek (mens en paard) en spreek het toe met een prachtig en krachtig verhaal dat hoofden én harten raakt.

***

Over de trainers:

Jan de Vries is bedrijfskundige, ondernemer en (team)coach. In zijn coaching praktijk maakt hij gebruik van paarden. Door zijn ervaring als ondernemers te combineren met coaching en zijn bedrijfskundige kennis, maken cursisten op een prettige en effectieve manier hun eigen ontwikkeling en groei door. Jan is een scherpe observator en een motivator. Zijn cursisten ervaren hem als een empathische begeleider en ontdekken met zijn hulp hun eigen authentieke en effectieve communicatiestijl.

Patricia Wouda is politiek filosoof en communicatietrainer. Zij werkte als lobbyist en woordvoerder voor o.a. het CDA in de Tweede Kamer en voor verzekeringsmaatschappij Delta Lloyd. Van 2006 tot 2014 was zij actief in de lokale politiek in Amsterdam. Zij heeft zich gespecialiseerd in retorica, beïnvloeding en debat. Zij werkt zelfstandig als lobbyist en geeft cursussen in debatteren, speechen en schrijven. Cursisten verlaten haar trainingen met direct toepasbare handvatten en een groter zelfvertrouwen.

Duivelse dilemmatraining – als je moet kiezen tussen twee kwaden

Duivelse dilemmatraining – als je moet kiezen tussen twee kwaden

 

Elk bedrijf, elke organisatie en elk individu staat dagelijks voor kleine dilemma’s en geregeld voor grote dilemma’s. De kernwaarden, de visie en de missie of de purpose zijn mooi vastgelegd. En iedereen handelt ernaar… tot kernwaarden met elkaar botsen of de dagelijkse praktijk om besluiten vraagt die tegen de waarden of de purpose van het bedrijf ingaan. Niet zelden vechten de lange termijn doelen om de aandacht die korte termijn doelen opeisen. Je wilt rekening houden met de belangen van al je stakeholders, maar die belangen zijn lang niet altijd in overeenstemming met elkaar.

Het waarmaken van je beloften in de dagelijkse praktijk is doorslaggevend voor de geloofwaardigheid van het bedrijf. En de werkelijkheid kan weerbarstig zijn. Er zijn taaie vraagstukken die niet op te lossen zijn met een gedragscode, de compliance-afdeling, richtlijnen en vuistregels. Je móet kiezen tussen twee kwaden. Hoe doe je dat gestructureerd en weloverwogen? Zodat je je keuzes helder kan uitleggen. Ook aan hen die wellicht niet blij zijn met je besluit, maar je wel zullen begrijpen.

WERKWIJZE PURPOSE & DILEMMA’S

Samen met Purpose Coaching hebben wij een werkwijze ontwikkeld om op een gestructureerde wijze een dilemma tot een oplossing te brengen. In 7 stappen leiden we u naar een weloverwogen besluit waarbij u ook gemoedsrust zult voelen. Doordat u op transparante wijze de belangen van alle stakeholders in kaart brengt en doordacht afweegt, kunt u aan iedereen uitleggen hoe u uiteindelijk tot uw besluit bent gekomen. Al zal misschien niet iedereen het met uw besluit eens zijn, alle stakeholders voelen zich wel serieus genomen en gezien.

“Het was een erg leuke en interessante bijeenkomst! Bedankt voor het verzorgen van de workshop, het heeft me zeker geïnspireerd om actiever met dilemma’s binnen a.s.r. aan de slag te gaan de komende tijd.’”

Kyon Soons, toegepast ethicus, a.s.r.

 

Benieuwd of de werkwijze “Purpose & Dilemma’s” wat voor u is? Neem gerust contact op met Patricia Wouda of Tamara Ronteltap.

 

Over hoe je alle kennis en denkkracht in je organisatie benut voor betere besluiten

Over hoe je alle kennis en denkkracht in je organisatie benut voor betere besluiten

– Debatteren? Met van die trucjes, bedoel je?

– Wat bedoel je met trucjes? Een sterke stijl en structuur? Steekhoudende analyse en argumentatie? Dat zijn geen trucjes. Dat is the real deal. Dat is kritisch denken.

– Kritisch, kritisch…ik wil liever dat mijn mensen constructief zijn.

– Ah, constructief…. right. Dat niemand je tegenspreekt, bedoel je?

– Maar ’t is toch meer iets voor de show, dat debatteren?

– Dat kan. En je kunt het ook achter de schermen doen. Om te zorgen dat je besluiten kritisch onder de loep worden genomen. Zodat ze later, als je ze naar buiten brengt, standhouden. Steel jij de show.

–  Maar we voeren ook weleens een stevige discussie, hoor. Dat moet kunnen op z’n tijd. En het liefst gaan we met elkaar in dialoog. We willen open staan voor elkaars ideeën. Samen een visie vormen.

– Dat is inderdaad belangrijk.

 

Wat ook belangrijk is voor een organisatie: dat er goede besluiten worden genomen. En dat daarbij alle aanwezige kennis wordt benut. Dat betekent dat medewerkers zich ermee moeten bemoeien. Dat ze uitgedaagd worden te argumenteren. Kritisch te zijn. Dat ze uitgenodigd worden voorstellen uit te dagen. Zodat op basis van voor- en tegenstemmen de juiste beslissingen worden genomen. En daar is het debat uitermate geschikt voor.

 De waarde van een goed (georganiseerd) debat in je organisatie

  • Een goed debat zorgt voor duidelijkheid, alle argumenten voor én tegen worden volledig uitgewerkt;
  • Een goed debat zorgt ervoor dat alle wezenlijke onderdelen van een vraagstuk of een wens aan de orde komen: het probleem, de ernst, de oorzaken, het plan, de uitvoerbaarheid en doeltreffendheid.
  • Een goed debat onderzoekt de houdbaarheid van argumenten: een redenering kan mooi klinken, maar klopt het wel?
  • Een georganiseerd debat staat los van persoonlijke standpunten waardoor het makkelijker is voor medewerkers zich kritisch te uiten;
  • Een goed debat laat jou als leidinggevende of beslisser precies zien waar het mank loopt: je kunt snel en gericht herstellen;
  • Een debat geeft stem aan iedereen en zorgt dat ook de introverten gehoord worden.

 Maar … in een debat gaat het toch vooral om gelijk krijgen?

 Een debat is een spelvorm die je kunt inzetten om uit te vinden wat het beste besluit is. Brutalen hebben de halve wereld. Rap-van-de- tongriem-gesneden types krijgen meestal een hoop voor elkaar. In discussies kunnen andere, wellicht betere ideeën daardoor ondergesneeuwd raken. Een levendig, hoffelijk en goed geleid debat, en in het verlengde daarvan een veilige debatcultuur, zorgt ervoor dat ook de stille mensen aan het woord komen. Dat de kennis en denkkracht van mensen die uit zichzelf niet het hoogste woord voeren, net zo goed benut wordt. Het debat nodigt daartoe uit. Debatteren zorgt voor de emancipatie van de introvert. Zodat álle kritische denkers meedoen. En dat levert betere besluiten op.

 

Ook hoffelijk leren debatteren?

Schrijf je in voor onze eerstvolgende open debattraining op 28 maart 2017 bij Haagse Hoogvliegers in Den Haag en leer niet alleen goed debatteren maar ook hoe je het debat als spelvorm in je organisatie kunt inzetten. Je bent van harte welkom!

 

 

 

 

Waarom leiders tegenspraak moeten organiseren

Waarom leiders tegenspraak moeten organiseren

 

  • Je bent tóch de baas, zei haar vriendin na een rondje joggen op de vroege ochtend.
  • Maar ze kunnen alles tegen me zeggen, echt waar. Doen ze ook wel, hoor, volgens mij.
  • Nee, dat doen ze niet, zei de vriendin die aan haar verse muntthee lurkte, ook al voelen ze dat je een liefdevolle leider bent. Want jij bent toch de baas.
  • Dus ze kijken helemaal niet kritisch naar mijn voorstellen?
  • Niet écht kritisch. Ze denken met je mee. Want je blijft toch de baas.
  • Goh zeg, best eng, eigenlijk, zei ze en bestelde een dubbele espresso.

Je wilt goede besluiten nemen, op basis van feiten en argumenten. En je wil dat je medewerkers met je meedenken. Want je waardeert hun mening en hun expertise. Jij hebt immers niet álle wijsheid in pacht. En je kunt weleens iets over het hoofd zien. Bovendien betaal je die mensen niet voor niets.

En ze doen dat graag, jouw medewerkers. Ze denken graag met je mee. Want ze waarderen je en hebben hart voor de zaak. Jullie hebben een goede verhouding. Want zij voelen zich ook gewaardeerd door hun baas. Heerlijk, zo’n fijne samenwerking. Komt ook steeds ter sprake bij functioneringsgesprekken en bij het jaarlijkse medewerkers-tevredenheidsonderzoek.

Meedenken, is dat voldoende? Als je de bewering dat zwanen wit zijn, wilt onderbouwen, ga je dan op zoek naar zo veel mogelijk witte zwanen? Of ga je op zoek naar die ene zwarte zwaan? Juist, je doet beide. Je hebt ook mensen nodig die ‘tegendenken’.

Gaat dat vanzelf? Nee, dat moet je organiseren. Want ‘tegendenken’ is eng. Straks denkt de baas nog dat je niet mee wil werken. En de baas blijft toch de baas.

Iedere organisatie is politiek. Per definitie. Er is een hiërarchie. Soms duidelijker, soms minder duidelijk zichtbaar. Maar altijd voelbaar. Er spelen verschillende belangen. Er ontstaan kampen. Persoonlijke agenda’s. Geen medewerker ontkomt eraan. En ook de meest liefdevolle leiders moeten ermee dealen. Gevolg? Een zuivere discussie op basis van argumenten – zonder dat onderlinge verhoudingen, etc., een rol spelen – wordt niet gevoerd. Zeker niet met de baas. Want ja, die blijft toch de baas.

WHAT TO DO?

Organiseer tegenspraak. Geef mensen de opdracht, nodig ze uit, om op zoek te gaan naar die ene zwarte zwaan die jouw bewering onderuithaalt. Vraag de mensen die geneigd zijn met je mee te denken om eens tegen je in te denken. En laat duidelijk zijn dat die zwarte zwaan niets te maken heeft met hun persoonlijke mening of met gebrek aan hun loyaliteit aan de baas.

Weet je wat jij moet doen, zei de vriendin toen haar muntthee op was, jij moet die cursus  debatteren bij de Haagse Hoogvliegers gaan volgen. En je medewerkers ook. Daar leer je hoe je tegenspraak organiseert. Is nog leuk ook.

Ook zonder protest-spandoeken

Ook zonder protest-spandoeken

‘Wij zijn nu eenmaal van de inhoud,’ zei de fractievoorzitter met een pak raadsstukken onder zijn arm en zijn leesbril over zijn voorhoofd richting kruin geschoven, ‘niet van de gelikte praatjes.’

‘Ja, als je het zo stelt,’ antwoordde de student.

Wat is dat eigenlijk, een gelikt praatje? Is dat als je liegt? Of een verkeerde voorstelling van zaken geeft? Of om de hete brij heen draait?

‘We kunnen het toch zó vertellen dat de mensen thuis of op de tribune het ook snappen? Dat ze het misschien zelfs leuk vinden om te komen luisteren? Wie weet willen ze ons wel een keer ontmoeten? Of op ons stemmen?? Om wat we in de raad doen. Op basis van de inhoud,’ stelde de student voor.

‘Ja, als je het zo stelt,’ zei de fractievoorzitter, zette zijn leesbril terug op zijn neus en las de speech aandachtig.

 

Burgers zijn net mensen. Politici trouwens ook.

Tip 1: wees een mens. Wat anders? Geen organisatie. Geen orgaan. Of instituut. Mensen willen weten wat jij en je fractiegenoten vinden. Hoe jullie afwegingen maken. Wat jullie beweegt. Waarover jullie twijfelen. Tot welke concessies jullie bereid zijn en tot welke niet. Vertel eens iets over je sores.

 Leuk verhaal, maar waar hebben ze het eigenlijk over?

Thuis, in de fractie, in de commissie is het onderwerp voorbereid en jullie kennen inmiddels alle details. Maar de mensen op de tribune kunnen wel een introductie gebruiken. Tip 2: laat de indiener van het voorstel in maximaal twee of drie minuten de aanleiding en de hoofdlijnen van het voorstel uitleggen voordat het debat begint.

 Simpel is het moeilijkst.  

Tip 3: Gebruik gewone mensentaal. Geen kleutertaal. Geen versimpeling van zaken. Kiezers zijn volwassen mensen die alles keurig op een rijtje hebben. Uitzonderingen daargelaten.

En laat ambtenarenbeleidsjargon achterwege. Ambtenarenbeleidsjargon is prima als ambtenaren, wethouders en raadsleden onderling discussiëren, debatteren, bakkeleien en onderhandelen. Maar zo gauw het ook te volgen moet zijn voor anderen, hou je ermee op. Zoals ook juristen onderling in juristentaal mogen praten, zoveel ze willen. En zodra ze met een cliënt spreken, leggen ze in gewone-mensentaal uit wat er in het contract staat. Datzelfde geldt voor artsen. Voor Slagers. Hoveniers. Anders raken ze hun klandizie kwijt. En als vaktermen onvermijdbaar zijn, leg je de betekenis uit. Ook als de publieke tribune (nog) leeg is.

Ja zeg, die kennen we nou wel. Die tip heeft inmiddels wel zo’n lange baard!

Waarom horen we dan nog regelmatig zinnen als deze in Nederlandse gemeenteraden: ‘De groenvisie, zoals verwoord in scenario B, dat rekening houdt met hoofdgroenstructuren, ecologische verbindingen tussen natuur, recreatie en bedrijvigheid een een brug slaat naar het basisonderwijsplan, kan met een enkel voorbehoud waarop ik zo dadelijk te spreken kom, onze goedkeuring wegdragen.’

Het punt is: je ziet het niet meer. Je wordt ambtenarenbeleidstaalblind. Kwestie van beroepsdeformatie. Dus, check je zinnen! En wees streng voor jezelf. Wees hartstikke streng.

De raadsmonologen

Goede voorbereiding is het halve werk. Slechts het halve, nog lang niet het hele. De inbreng die je hebt voorbereid draagt in de raadsvergadering nog niet bij tot het raadsdebat. Die inbreng is goed voor een monoloog of een speech. Tip 4: ga tijdens je spreektijd ook in op de standpunten van andere raadsleden en leg uit waarom je het er niet mee eens bent. Jij hebt immers niet alleen een goed (voorbereid) verhaal. Jij hebt een beter verhaal dan de anderen. Maar daar moet je de keizer nog wel van overtuigen. Hou geen monologen, ga het debat aan.

 

Waarom het hele feest niet doorgaat, als jij er niet bent

Waarom het hele feest niet doorgaat, als jij er niet bent

 

 ‘Het is ook niks voor mij, die presentaties geven. Ik moet het gewoon niet meer doen.’

‘Stel je niet aan, je doet het prima. Wat wil je dan?’

‘Sommige mensen hebben het gewoon, ik niet.’

‘Wat hebben die mensen?’

‘Ik weet niet wat het is. Iets magnetisch waardoor naar ze geluisterd wordt. Dat je ne sais quoi, das gewisse Etwas, de X- factor? Hebben we daar in het Nederlands geen uitdrukking voor?’

‘Je bedoelt charisma?’

‘Ja, charisma! Heb ik dus niet …’

 

Zelf ben ik eerder terughoudend van aard. Het podium is niet mijn natuurlijke habitat. Achter de schermen de boel regelen, bedenken, adviseren, hoe heerlijk is dat. Maar mijn werkplek is wel vaak ‘voor de groep’. Dus ik stuur mezelf dat podium op. Als strenge baas van mezelf. Zo ligt nu eenmaal onze arbeidsverhouding. Maar, tjonge, of je van charisma kunt spreken? Ik vind het zo’n groot woord….

 

Wie als een Jan Peter Balkenende geboren wordt, zal nooit een Barak Obama of een Oprah Winfrey worden. Onzin, zegt Olivia Fox Cabane in haar boek The Charisma Myth. Charismatisch gedrag kan volgens haar door iedereen aangeleerd en geperfectioneerd worden.

 

Ze stelt dat de combinatie van drie kernelementen – aanwezigheid, macht en hartelijkheid – de meest effectieve manier is om charisma te bewerkstelligen. Over die aanwezigheid: je moet er zijn. Nogal wiedes, een open deur. Als je met iemand spreekt, een presentatie geeft, een speech houdt: het kan alleen als je er bent. Anders gaat het hele feest niet door. Maar er valt meer over te zeggen.

 

Lukt het ons om écht aanwezig te zijn? Met onze volle aandacht? Dat is niet makkelijk. Een groot deel van de tijd dwaalt onze aandacht af. Dat heeft met ons oerinstinct te maken. We blijven alert op mogelijk gevaar. En vanuit dat instinct raken we ook makkelijk afgeleid door onbenullige zaken, zoals de margarine die we niet moeten vergeten te kopen op weg naar huis.

 

Maar dat zijn maar gedachten, die ziet toch niemand? Of we dachten inmiddels een pokerface ontwikkeld te hebben? Oprechte aandacht te kunnen veinzen? Vergeet het maar. Onze lichaamstaal liegt niet. En zelfs de kleinste veranderingen in onze uitdrukking kan het publiek waarnemen. Bewust dan wel onbewust. De menselijke geest schijnt slechts zeventien milliseconden nodig te hebben om een gezichtsuitdrukking te lezen. Het waarnemend vermogen van ons publiek is meedogenloos.

 

Nu kunnen we denken, als dit hele gebeuren zich vooral op een onbewust niveau afspeelt, hoe kunnen we ons dan verbeteren? Fox Cabane stelt dat aanwezigheid een vaardigheid is die we kunnen aanleren. Door oefening en geduld. Door er met ons hoofd bij te zijn en ons simpelweg bewust te zijn van wat er van moment tot moment gebeurt. We trekken ons niet terug in onze eigen gedachten, maar we zijn alert op wat er in de zaal en bij onze toehoorders gebeurt.

 

Ze geeft in haar boek drie oefeningen om deze vaardigheid te trainen:

 

  1. Scan de omgeving waarin je spreekt op geluiden. Registreer geluiden zoals verkeer van buiten, een verwarmingsbuis die tikt, mensen in het publiek die met elkaar praten. Registreer de geluiden.

 

  1. Concentreer je op je ademhaling en wat je in je lichaam voelt bij iedere in- en uitademing. Houd je aandacht bij één ademhaling per keer, maar probeer wel alles daaromheen op te merken.

 

  1. Concentreer je aandacht op het gevoel in je tenen. Hierdoor word je gedwongen met je gedachten je hele lichaam door te gaan, waardoor je meer in contact blijft met je lijf (en dus niet in je hoofd en in je gedachten schiet) en van daaruit je aanwezigheid ‘body’ geeft.

 

Fox Cabane stelt ons gelukkig nog even gerust: maak je niet al te druk als het moeilijk blijkt om helemaal aanwezig te zijn. Dat is volkomen normaal, zegt ze. Zelfs als we onze aanwezigheidscurve slechts een fractie verbeteren, zal dat een groot effect op onze omgeving hebben. Omdat maar zo weinig mensen compleet aanwezig zijn, maakt het al grote indruk als we zelfs maar een paar ogenblikken onze gedachten er helemaal bij weten te houden. Ze schrijft nog veel meer interessants over hoe je je charisma kunt ontwikkelen. Daarover een andere keer meer. Wil je daar niet op wachten? Dan kun je natuurlijk ook het boek lezen.

Talent ligt voor het grijpen

Talent ligt voor het grijpen

U zoekt de beste medewerkers voor uw bedrijf. Begrijpelijk. En terecht. Dus u gaat op zoek naar talenten, juist? Waar zijn ze, die frisse, heldere geesten en de daadkrachtige doeners met de nodige kennis en juiste skills voor uw bedrijf in deze tijden? In deze blog laat ik zien dat talent voor het grijpen ligt.

Wat maakt dat mensen ergens in uitblinken? Aangeboren talent? Een Goddelijke gave? Zo kijken we graag naar de Wolfgang Amadeus Mozarts en de Barack Obamas van deze wereld. En ja, zij hadden natuurlijk talent. Een prettig uitgangspunt. Maar hoe zijn ze er zo ver mee gekomen?

In zijn boek Outliers komt Malcolm Gladwell tot de conclusie dat uitblinkers slechts in beperkte mate door hun talent zo ver komen. Het is de hoeveelheid aan oefening en training die de doorslag geeft. Hij beschrijft een onderzoek dat onder conservatoriumstudenten is gedaan. Docenten hadden vioolstudenten in drie groepen ingedeeld: de eerste groep bestond uit de sterstudenten die het potentieel hadden om solisten van wereldklasse te worden. De tweede groep bestond uit de studenten die gewoon ‘goed’ waren en de derde groep bestond uit studenten die volgens de docenten waarschijnlijk nooit het concertpodium zouden bereiken. Vervolgens werd hen gevraagd hoeveel uren ze in hun vioolspel hadden gestoken. Wat bleek: de studenten uit de stergroep hadden verreweg de meeste uren (10.000) gestudeerd. Gevolgd door de ‘goede’ studenten (8.000 uur) en daarna de derde groep (4.000 uren). Gladwells conclusie: de rol van talent is zeer gering. Oefening maakt het verschil.

Er is discussie over de stelling van Gladwell. Andere wetenschappers komen tot de conclusie dat talent een grotere rol speelt dan Gladwell betoogt en dat niet iedereen een even groot aantal uren nodig heeft om een bepaalde vaardigheid te ontwikkelen. Waar ze het wel over eens zijn: talent alleen is niet genoeg. Het is mooi meegenomen, maar zonder oefening heb je er niets aan.

Tip 1: talent is mooi meegenomen, maar alleen de oefening baart kunst

Geeft u uw medewerkers gelegenheid om te oefenen. Het is de enige manier om van talent naar prestatie te komen. De sterren zoals Mozart, Obama en de sterviolisten hebben in elk geval met elkaar gemeen dat ze in de juiste omstandigheden verkeerden om hun talent te ontwikkelen. Gunt u zichzelf de beste medewerkers? Gunt u dan uw medewerkers tijd en ruimte (en de middelen) zich te ontwikkelen. U heeft de talenten waarschijnlijk al in dienst, ze liggen voor het grijpen.

U heeft dat al geprobeerd? Managementprogramma hier, heisessie daar. Met weinig succes? Hoe ik erover denk?

Tip 2: vraag niet waar ze goed in zijn, maar waar ze blij van worden

Oefening en training is een randvoorwaarde voor talentontwikkeling. Wat in wezen aan succes ten grondslag ligt? Liefde. Liefde voor het vak. De vaardigheid. Het instrument. Wie met weerzin aan de oefening begint, zal nooit gedrevenheid ontwikkelen. Laat uw medewerkers zich ontwikkelen op een gebied dat ze ligt, op een onderdeel dat ze graag doen. Waarschijnlijk doen ze het graag omdat ze er aanleg voor hebben. Dat geeft zelfvertrouwen. Een medewerker die zelfverzekerd is omdat hij steeds beter wordt in datgene wat hij het liefste doet, is niet te stoppen. Dat zijn de mensen die van uw bedrijf een succes maken. Bij sollicitaties wordt weleens gevraagd waaraan de kandidaat 10.000 uur heeft besteed. Carrièrecoach Petra Hiemstra van Haagse Hoogvliegers vult die vraag aan: waaraan zou je 10.000 uur willen besteden?

Marc Lammers vertelde over de omslag in de manier waarop hij de Hockey dames coachte. Hij had te veel op de zwakke punten gefocust. Hij wilde alles verbeteren en van iedere 4 een 6 maken. De onderdelen waarop ze een acht scoorden vond hij goed genoeg en die kregen daarom geen aandacht en zwakten af. Zo kweekte hij een team van zesjes dat alle onderdelen net voldoende kon uitvoeren, leuk kon meekomen in de competitie, maar niet won.

Toen besloot hij het om te draaien: 25% trainen op zwakke punten en 75% op de sterke. Van een 8 een 10 maken. De speelsters kregen zelfvertrouwen en het team ontsteeg de eeuwige tweede plaats. De rest is geschiedenis, ze werden Olympisch kampioen.

Tip 3: bied uw medewerkers veiligheid.

Ook de besten zijn er gekomen met vallen en opstaan. De fouten zijn misschien nog wel de beste leerschool geweest. Oefenen in een veilige trainingsomgeving heeft tot voordeel dat men kan experimenteren en grenzen kan verkennen. Moet men het uitsluitend hebben van oefenen in de ‘echte’ situatie, zullen mensen aan de veilige kant blijven, weinig risico nemen en blijven doen wat ze gewend zijn te doen. Om verder te komen moet het ook fout kunnen gaan, zonder dat dat consequenties heeft. Kent u die van dat bedrijf dat een miljoen misliep door de fout van een medewerker? Iemand vroeg aan de directeur of de medewerker zou worden ontslagen. ‘Nee, natuurlijk niet’, zei de directeur, ‘ik heb net een miljoen in hem geïnvesteerd.’

U wilt medewerkers die uw bedrijf overtuigend vertegenwoordigen? Die elkaar en u intern scherp houden, op zoek naar de beste oplossingen en verbeteringen? Debattrainingen zijn daarvoor uitermate geschikt. In een veilige omgeving, veel oefening, presenteren, argumenteren, uitdagen. U zoekt talenten voor uw bedrijf? Ze liggen voor het grijpen, u heeft ze waarschijnlijk al in dienst. Gunt u hen en uzelf die talenten te ontwikkelen.

Het geheim van deze excentrieke presidentskandidaat

Het geheim van deze excentrieke presidentskandidaat

‘Die Trump! Als die maar geen president wordt! Ik houd m’n hart vast.’ Denkt u dat weleens? Ja, zijn uitspraken zijn meestal op en vaak ook over de rand van wat wij fatsoenlijk noemen. En ja, het is een apart figuur. Toch is zijn populariteit enorm. Dat kunt u niet en dat kan ik niet ontkennen. Wat doet hij anders dan zijn concurrenten? En belangrijker, wat kunnen we van hem leren? Drie tips.

Trump is zichzelf. Met alle consequenties van dien

Wat is de sleutel tot geloofwaardigheid? ‘Authenticiteit!’, roept men dan in koor. Maar wat is authenticiteit? Nou, Trump is authentiek. U vindt hem misschien een vreemde kwibus, maar hij is wel zichzelf. Daar wordt hij om gewaardeerd. What you see is what you get. Met alles wat erbij hoort, ook de lelijke kanten van zijn persoonlijkheid.

 Tip 1: U hoeft dus niet Trump na te doen, in tegendeel. Wees authentiek. Dat klinkt simpel, maar daar is veel lef voor nodig. Durft u zichzelf te zijn, met de consequenties die daarbij horen? Durft u ook uw minder fraaie eigenschappen te laten zien? En uw zwaktes? Ook als alle blikken op u gericht zijn en u een goede indruk wilt achterlaten?

 Wat anderen van hem vinden? Zal hem een zorg zijn. 

Hij doet belachelijk en zegt domme dingen. En het kan hem niets schelen wat anderen daarover zeggen. Daarmee geeft hij niet alleen zichzelf veel ruimte, maar ook de kiezer. Het is oké dat u mij niet leuk vindt, straalt Trump uit. En daarom wordt hem veel vergeven. Hij heeft krediet opgebouwd door zijn publiek de ruimte te laten zijn uitspraken af te keuren.

 Tip 2: Geeft u anderen de ruimte van u te vinden wat ze van u vinden. Of van uw ideeën. Het is oké als ze het niet met u eens zijn. Dat schept ruimte en nodigt uit om naar u te luisteren.   

 Wie is hier (niet) populistisch?

Love me or leave me, zegt Trump met zijn houding. De traditionele politicus bestaat bij de gratie van de goedkeuring van zijn kiezers. Daar gaan politici vroeg of laat rekening mee houden. En dat gaat ten koste van hun authenticiteit. Kiezers hebben in de gaten als een politicus zijn keuzes strategisch aanpast. Trump vraagt niet om de goedkeuring van het publiek. Hij vindt wat hij vindt. Daardoor weten mensen waar ze bij hem aan toe zijn. Er is geen verborgen agenda. Trump wordt een populist genoemd, maar houdt juist veel minder rekening met de verwachtingen van de kiezer. You don’t like what i say? That’s okay. I say it anyway. Verfrissend.

Tip 3: Dat betekent niet dat u nooit meer aan uw medewerkers of uw omgeving hoeft te vragen wat zij van uw plannen vinden. Het betekent dat u uw mening vormt onafhankelijk van de (vermeende) verwachtingen van anderen. Mensen willen weten wat ú ergens van vindt. En dan kunnen anderen daarover van mening verschillen. En dan kan er een debat of een discussie plaatsvinden. En dan kunt u desgewenst van mening veranderen.  Niet omdat anderen dat van u verwachten, maar omdat u overtuigd bent geraakt.

 

Hoe de luisteraar het verschil maakt

Hoe de luisteraar het verschil maakt

U bent weleens jaloers op collega’s die met hun vlotte spreekstijl van alles voor elkaar krijgen? Die altijd een scherpe reactie klaar hebben, met een leuke kwinkslag? Op iedere vraag een antwoord weten? Het lijkt zo aantrekkelijk en effectief. Maar de grootste overtuigingskracht heeft niet de prater. Die heeft de luisteraar. Hoe de luisteraar het verschil maakt, 7 tips:

Lees verder